De onderwijsondersteuningsstructuur van de Burg. De Ruiterschool.


De school heeft een intern begeleider die een dag per week o.a. de zorg binnen de school co├Ârdineert. Het zorgteam van de school is flexibel van samenstelling, al naar gelang de hulpvraag. De hulpvraag kan vanuit ouders worden gesteld, maar ook vanuit de school. De school kan, naast de leerkracht, ouders en intern begeleider de orthopedagoog van stichting Op Kop uitnodigen en/of een medewerker van het Centrum voor Jeugd en Gezin. Ook is het in 2015 en 2016 nog mogelijk een ambulant begeleider om ondersteuning te vragen vanuit bijvoorbeeld het specialisme gedrag.
De school gebruikt het Cito LOVS in doorgaande lijn van groep 1 t/m 8. Op deze wijze worden de prestaties van de leerlingen vergeleken met leeftijdsgenoten in Nederland. Naast dit meetinstrument zet de school de SCOL in om de sociale vaardigheden en het welbevinden te meten en volgen.
Er is een gespreksstructuur van vier maal per schooljaar 10-minutengesprekken. Tweemaal naar aanleiding van het rapport, tweemaal bestaat er de mogelijkheid om het gesprek met ouder, leerling (vanaf groep 3) en leerkracht te voeren. Leerkrachten zijn op andere momenten ten allen tijde bereid een gesprek in te plannen wanneer een situatie hier om  vraagt.

Planmatig handelen


Alle groepen werken met een uitgebreid en gedetailleerd groepsjaarplan. Hierbinnen wordt rekening gehouden met de onderwijsbehoefte van ieder kind en wordt het onderwijs hier, waar mogelijk op aangepast. Voor leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte wordt een ontwikkelingsperspectief opgesteld en waar nodig een arrangement aangevraagd bij de Commissie van Arrangeren van Stichting Op Kop.


Wat kunnen we bieden?


Ons handelen is in principe preventief van karakter, in sommige gevallen licht curatief. Door tijdig te signaleren en in gesprek te gaan met ouders en het zorgteam is het in veel gevallen mogelijk leerlingen met een extra zorgbehoefte binnen onze school goed onderwijs te bieden. Het aanbod is erop gericht dat de leerling zich, binnen de eigen groep, zoveel mogelijk naar eigen mogelijkheden kan ontwikkelen. Dit wordt beschreven in een ontwikkelingsperspectief. Ondersteuning van buiten is hierbij mogelijk in een aantal gevallen.
Daarnaast  is het van groot belang dat alle partijen zich kunnen blijven ontwikkelen en  veiligheid en welbevinden ervaren. Het gaat hier om de zorgleerlingen, de medeleerlingen(de groep), de thuissituatie van de zorgleerling en het leerkrachtenteam.

 

 

Grenzen aan de zorg


Wanneer een of meerdere grenzen aan de zorg bereikt zijn, zal er een procedure tot plaatsing op een school voor speciaal (basis) onderwijs in gang gezet worden, tezamen met de ouders van de zorgleerling.


1. Veiligheid en welbevinden
Wanneer de veiligheid en het welbevinden van de leerling of andere leerlingen ernstig in het geding is, is de grens aan de zorg bereikt.


2. Verzorging
Wanneer de verzorging van de leerling dusdanig is dat de kwaliteit van het onderwijs en  de zorg in het geding is, is de grens aan de zorg bereikt.


3. Onderwijstijd
Wanneer het gedrag of de verzorging van de leerling structureel onevenredig veel tijd vraagt of van de leerkracht en hierdoor de andere leerlingen in de groep onvoldoende bediend kunnen worden, is de grens aan de zorg bereikt.

 

Voor het gehele schoolondersteuningsprofiel klik hier